dinsdag 25 oktober 2011

Oorontsteking

Krijsend wordt Ronja midden in de nacht wakker. Een blik op de wekker vertelt me dat het half een is. Elke vezel van mijn lichaam zegt dat ik niet moet bewegen, maar zoals altijd neemt mijn moedergevoel het over en keer ik me om.‘Klaar, klaar klaar’ schreeuwt ze. Peter doet een lampje aan en we zien ons kleine meisje rechtop zitten met betraande oogjes. Ik wil haar oppakken maar ze mept om zich heen en werpt zich met een krachtige beweging naar achter.


Ze wil beer, konijn, het bed uit, naar buiten, klimmen en rennen. Alles wat we aanbieden wordt tegen de muur gesmeten en ik voel de moed in m’n schoenen zakken. Ze heeft geen koorts en als we vragen of ze pijn heeft reageert ze niet. Twee uur later zijn Peter en ik er un petit peu klaar mee en proberen midden in de nacht grenzen te stellen. We verheffen onze stem ietwat, leggen haar neer, bieden haar met klemmende armen geborgenheid en zeggen haar dat het nu echt tijd is om te slapen. Dit tafereel zet zich door tot de wekker om half zeven gaat. Ik marcheer dan strompelend maar doortastend naar het medicijnkastje en graai naar het pakje zetpillen. Twintig minuten later valt ze als een blok in slaap en ik doe met haar mee. Bikkel Peter reist met 1,5 uur slaap af naar zijn werk.


Om half tien wordt Ronja stralend wakker. ‘Ronja wáár heb je pijn?’ vraag ik. Ze wijst trots en zegt ‘oor’. Een telefoontje met de huisarts leert me dat oorontsteking helse pijnen oplevert en vooral ’s nachts zijn symptomen laat gelden. We worden zonder enkele moeite tussen de afspraken in de overvolle artsenagenda gepropt en spoeden ons naar de praktijk. Eenmaal thuis met oordruppels bel ik Peter. Getergd door schuldgevoel slaan wij onszelf voor de kop en vragen ons af hoe we dit niet hebben kunnen opmerken. Voor het slapen gaan krijgt Ronja vanavond duizend kusjes...

En een zetpil.


Roos

dinsdag 18 oktober 2011

Baby

Er wordt mij vaak gevraagd of er nog een derde kind komt. Tja, ik weet het niet. Zoals iedereen (of bijna iedereen) smelt ik als ik zo’n kleine lieve baby mag vasthouden, als het kleine handje zich om je vinger vouwt. En hoe schattig is het wanneer zo’n kleintje voor het eerst lacht of mama roept.

Toch betrap ik mezelf wel denk ik wekelijks op de opluchting die ik soms voel als ik me bedenk dat mijn kinderen overal zelf naar toe lopen, kunnen zeggen wat ze willen en ik niet meer met flesjes en melkpoeder in de weer ben. Als ze ziek zijn is het toch echt minder eng, ze vertellen waar ze last van hebben. Dat ze minder kwetsbaar zijn maakt het allemaal ontspannender.

Maar als ik bedenk dat ik nooit meer zwanger zou zijn en nooit meer een baby'tje in mijn buik zou voelen dan begin ik toch een heel klein beetje te twijfelen. Toch weet ik zeker dat ik het nu niet zou willen. Ik geniet juist van het feit dat je steeds meer kan doen met grotere kinderen. Het is zo leuk om met ze verstoppertje te spelen, samen verhalen te verzinnen, dingen te bespreken en op rotsen te klimmen. Ik moet er ook niet aan denken dat mijn lichaam negen maanden lang moet veranderen om na een zware bevalling weer minstens negen maanden lang weer te moeten herstellen. Maar ja dan denk ik weer aan die lieve baby.

Voor nu weet ik het zeker de komende jaren komt er geen kindje bij. Wie weet later. Gelukkig heb ik een hele lieve kleine neef die mijn vinger af en toe vasthoudt en naar mij lacht.

Blanca

dinsdag 11 oktober 2011

Eigen Wijze Moeders

Tijdens mijn eerste zwangerschap werd ik gierend gek van mensen die precies wisten wat goed voor me was. Eén wijntje moest toch best kunnen en waarom ging ik eigenlijk niet meer naar de sportschool? Mijn repliek op deze -ongetwijfeld goedbedoelde- adviezen richtte zich vooral op mijn hevige misselijkheid en zware vermoeidheid. Vaak bleken deze antwoorden voor dovemansoren en dat is ook logisch als je een van de eerste zwangeren in een rijzende geboortegolf bent. Zelf had ik immers geen flauw idee van wat me te wachten stond en had ook nog geen voorstelling van wat zwanger zijn en moederschap betekende.


Na de kraamtijd zette deze trend zich voort. Ik kreeg vaak verbaasde reacties als ik vertelde dat Ronja niet naar de crèche ging, ik na 8 maanden nog steeds borstvoeding gaf en ‘maar’ één dag werkte. Ik voelde me bestempeld als overbeschermende moeder terwijl Ronja een van de meest zelfstandige kindjes van het Pierenbadje was. Ik kreeg de behoefte om me te verdedigen, maar merkte aan de steigerende reacties dat dit alleen maar overredend en radicaal overkwam. Het bleek moeilijk om zonder veel zware woorden uit te leggen dat het moedergevoel me bracht tot wat voor mij goed voelde.


Natuurlijk zijn baby’s die geen borstvoeding krijgen ook gezond, kinderen die naar de crèche gaan niet onthecht en leidt een glaasje wijn tijdens de zwangerschap niet direct tot misvormde foetussen. Mijn keuzes waren alleen anders en zorgen voor een intens gelukkig leven, voor mij. Tijdens de huidige tweede zwangerschap heb ik al een beetje geleerd om alle goedbedoelde bekommeringen naast me neer te leggen en ben trots op hoe ik het doe.

Ik neem dus nog een kopje kruidenthee en drink op alle Eigen Wijze moeders. Proost!


Roos

woensdag 5 oktober 2011

Verliefd

Mijn zoon blijft me verbazen. Een paar weken geleden waren het de vragen over leven en dood die hem bezig hielden, nu is hij voornamelijk verliefd.

We waren aan het eten toen mijn man grapte dat ik nog wel een stukje kaas mocht omdat hij zo van mij houdt. Lou zuchtte diep en liet zijn hoofd op zijn hand rustten. Eveline mag ook en stukje kaas omdat ik ook zo van haar houd, zei hij met een dromerige blik. Verder hield hij van niemand zei hij, nou vooruit een heel klein beetje van zijn moeder maar verder echt van niemand. Dit bleek al snel helemaal niet waar te zijn. Hij is zo’n beetje op alle meisjes in zijn klas verliefd. Als we na school buiten spelen rent hij om ze heen, laat hij zich door ze optillen (hij valt op oudere en langere vrouwen van zes) en probeert hij ze te knuffelen.

Een van die meisjes speelde laatst met een groep andere kinderen met een springtouw. Het touw werd net boven de grond rondgedraaid, als je niet op tijd sprong en je door het touw werd geraakt was je af. Lou besloot mee te doen maar de arme lieverd had alleen oog voor het meisje die het touw draaide. Hij zag natuurlijk niet dat het touw eraan kwam en bleef staan en staren naar haar. Je bent af, je moet aan de kant, zei ze. Zijn hoofd werd rood en een immens verdriet overmeesterde hem. Hij kwam naar me toe gerend en kon geen woord meer zeggen. Pas na veel huilen kwam het eruit. Hij voelde zich raar vertelde hij, ze had iets geks gezegd. Na een tijdje op schoot ging het weer maar hij bleef zich raar voelen. Ik vind haar gewoon lief, zei hij, en ik voel me gek. Duidelijk; verliefd.

Blanca