maandag 21 november 2011

Wakker worden

Om zeven uur klikt de voordeur zachtjes dicht. Peter vertrekt naar zijn werk. Ik ben vroeg op, heb al gedouched en smeer een boterhammetje. Het is een van de eerste dagen dat het nog echt donker is buiten. Ik heb het nostalgische gevoel van knusse winterochtenden met koude voeten en de warme stokende kachel. De afgelopen dagen wordt Ronja pas om half negen wakker dus ik reken op een uurtje voor mezelf.


Mama’, hoor ik zachtjes uit de slaapkamer komen. Zo snel als dat gaat met een dikke buik hijs ik mezelf overeind en waggel naar de slaapkamer. Ik doe een klein lampje aan en zie Ronja’s slaperige hoofdje, haartjes overeind en half open oogjes, langzaam ontwaken. ‘Papa?’ fluistert ze. ‘Papa is met de trein naar zijn werk’ antwoord ik. Ik ga achter haar zitten en ze kroelt tegen me aan. ‘Papa trein rijen’ concludeert ze mopperend en stoot morrende kreuntjes uit.


‘Slakkie uit’ zegt Ronja terwijl ik in het halfdonker zoek naar de rits van haar slaapzak. Verder maakt ze nog geen aanstalten om het bed uit te komen zoals ze normaal doet. Ze draait klitjes in haar kapsel en lijkt weer bij me weg te soezen. Ik overweeg op te staan en te ontbijten. Peter heeft verse jus d’orange voor me uitgeperst die op afstand naar me staat te lonken. Maar dan bedenk ik me dat dit een van de laatste ochtenden is waarop Ronja en ik met z’n tweeën zijn. Over een paar weken heeft ze een klein zusje, moet mijn aandacht delen en ik zal vrijwel constant in touw zijn. Ook is het vrij uitzonderlijk dat Ronja rustig blijft liggen en niet als een stuiterbal door het huis springt en al haar speelgoed uit de kast trekt. Ik grinnik genietend en verstop mijn neus nog even tussen de zachte haartjes in haar warme nekje.

Goeiemorgen.


Roos

woensdag 16 november 2011

Sinterklaas


Afgelopen augustus hebben we met z’n vieren heerlijk in Frankrijk gekampeerd. We hebben in meertjes gezwommen, croissantjes gegeten en boswandelingen gemaakt. Maar wat we ook hebben gedaan is Sinterklaasliedjes zingen. Lou is namelijk eigenlijk al ongeveer een jaar bezig met de komst van de goedheiligman. Het hele jaar door heeft hij als Piet hier in huis met een kussensloop vol met houten blokjes over zijn schouder gelopen, terwijl hij op zoek was naar kinderen die nog een pepernootje wilden. Zijn zusje moest ondertussen als mini-inval-Sinterklaasje op de (bank) stoomboot wachten totdat hij genoeg kinderen had verzameld die de Sint een waardig en juichend welkom konden geven. Al die tijd heb ik in mijn eentje de menigte moeten spelen die de Sint verwelkomde.

Afgelopen zondag was het eindelijk zover en stond hij zelf zo’n beetje de hele dag in de menigte tussen al die anderen fanatiekelingen Piiiiieeeet, Piiiiiieeeet te roepen met zijn handen in een kommetje. Hij gelooft volop en dat is niet alleen vertederend maar ook erg leuk omdat je dan zelf ook stiekem weer een klein beetje mag geloven. Het waren niet alleen de kinderen die stonden te schreeuwen en te staren maar ook de ouders keken vol ontzag naar Sinterklaas toen hij op zijn paard voorbij kwam.

Sinds een week is hij ook de grootste fan van die mevrouw van het journaal Dieuwertje Blok. En nu hangt die aan mijn arm omdat we nog steeds geen contact hebben opgenomen met Sinterklaas via unternet, zoals hij dat zo mooi zegt. De Sint heeft namelijk een nieuw boek en om erin voor te komen moet je volgens mevrouw Blok je digitaal aanmelden.

U hoort het er zijn veel belangrijkere zaken dan het schrijven van deze blog, tot een volgende keer maar weer.

Blanca

dinsdag 8 november 2011

Piekeren

De afgelopen weken lig ik ’s nachts steeds vaker wakker. Volgens de yogadocente van de zwangerschapscursus komt dit omdat mijn lichaam onder invloed van hormonen vast ‘oefent’ voor de nachtvoedingen. Ze raadt aan even naar het toilet te gaan, wat te lezen of iets warms te drinken. Wat je volgens haar zeker niet moet doen is piekeren. En laat dat nou net zijn waar ik zo ontzettend goed in ben; urenlang tobben.


Thuisbevallen of niet, in welke koffer pakken we de ziekenhuisspullen, en hoe kom je met twee kinderen de trap op? De laatste weken begin ik me in de nachtelijke uurtjes vooral zorgen te maken over hoe Ronja zal reageren op haar kleine zusje. Zal ze jaloers worden, onhandelbaar of zich buitengesloten voelen? Was een tweede kind wel echt een goed idee, zal ik wel evenveel van de nieuwe baby kunnen houden? De 'houden van overpeinzingen' had ik tijdens mijn eerste zwangerschap ook en die bleken achteraf gelukkig volstrekt onnodig.


Peter kwam laatst met de leuke quote: ‘Piekeren is de verkeerde kant op fantaseren’. Ik vond het een zeer treffende kruimeltekst die ik sindsdien vooral rond half vier ’s nachts als bezwerende spreuk gebruik. Ik prevel tegen mezelf dat alles goed komt en dat er zich voor elk probleem een oplossing zal aandienen. En terugblikkend op de vorige kraamtijd is dat ook precies hoe alle obstakels overwonnen werden. Zo vonden we tijdens onze eerste wandeling met Ronja een gloednieuwe badstandaard bij het vuilnis die ik ondanks spierpijn en een vermoeid lichaam eigenhandig naar huis tilde. Geen probleem van immense omvang, maar de pijnlijke schouders die ik had van de verkrampte nachtvoedingen jubelde van vreugde en Ronja dobberde ontspannen rond.

Zo zie je maar; alles komt met een baby vanzelf op zijn pootjes terecht, zelfs het badje.



Roos

dinsdag 1 november 2011

Slapen

Eens in de zoveel maanden lijkt het alsof onze dochter ons uittest. Terwijl ze normaal gesproken lekker vanaf een uur of zeven twaalf uur lang slaapt, heeft ze ook periodes waarin ze opeens om elf uur in de avond rechtop in haar bed staat.

Afgelopen week was het weer zover. Om elf uur toen ik net mijn pyjama had aangetrokken hoorde ik haar overeind komen. Eerst riep ze me nog gewoon maar toen ik haar een paar keer weer neerlegde begon ze te brullen. Ze heeft van alles geprobeerd, zo was haar speen niet goed en moest ik haar een andere geven, had ze honger, moest aap bij haar slapen en toen toch maar niet. Op een gegeven moment zei ze dat het tijd was om op te staan om te gaan kleien. Ik probeerde rustig te blijven en legde haar elke keer weer neer. Na een uur gooide ze haar speen uit bed die ik dan vervolgens in het donker moest gaan zoeken en het weer aan haar teruggaf. Twee minuten later hoorde ik haar de speen weer gooien en riep ze; mama de speen is gevallen.

Na anderhalf uur was ik de wanhoop nabij. Haar negeren hielp niet, praten hielp niet, weer neerleggen hielp ook niet. Ik was alleen thuis en overwoog om half één om haar toch maar in bed te nemen. En toen na ruim twee uur viel dit koppige meisje van twee van vermoeidheid in slaap. En voor mij voelde dit als een hele overwinning.

Blanca